Nieuw Zeeland: Auckland
foto's

externe link:
War Museum
De omgeving van Auckland was ongeveer 800 jaar geleden al bewoond door Maori. Het vruchtbare land en vooral de moa, een van de grootste vogelsoorten ter wereld, waren goede redenen om zich hier te vestigen. De Maori maakten fanatiek jacht op deze 2 meter hoge vogel. Zo fanatiek zelfs dat de moa na een paar eeuwen uitstierf. De Maori noemde de omgeving van Auckland Tamaki-makau-rau: een maagd met 100 minnaars. Verschillende stammen maakten aanspraken op het vruchtbare land met zijn grote vogels. heftige stammenstrijden braken uit. Toen de eerste Europeanen rond 1820 in Auckland arriveerden, waren de Maori door deze onderlinge oorlogen danig verzwakt. De Britse kolonisten slaagden er tamelijk eenvoudig in de Maori te verdrijven of uit te kopen.
De eerste gouverneur van Nieuw Zeeland, luitenant William Hobson, kocht van de Maori een stuk grond rondom Mt Eden. Hobson vernoemde de nieuwe stad naar zijn voormalige baas en commandant Lord Auckland. Na een jaar woonden en werkten er al 2000 mensen. Gouverneur Hobson wees Auckland aan als hoofdstad van Nieuw Zeeland, een status die 25 jaar later alweer aan Wellington werd toegekend. Reden: de betere geografische ligging van Wellington en het goud dat daar was gevonden. Auckland groeide desondanks toch snel uit tot een welvarende stad.
Een van de rampen die de stad troffen was de griepepidemie van 1918. Nieuw Zeelandse soldaten die tijdens de Eerste Wereldoorlog in de loopgraven van Frankrijk hadden gevochten, namen het virus na afloop van de oorlog mee naar huis. Een van de grootste besmettingshaarden zou het schip Niagara zijn geweest, dat op 12 oktober 1918 in de haven van Auckland aanlegde. Aan boord waren de toenmlige minister-president William Massey en minister van Financiën Joseph Ward. Zij hadden in Europa deelgenomen aan de vredesbesprekingen. Aan boord heerste de gripe, maar het schip werd niet in quarantaine geplaatst. In Nieuw Zeeland, waar vele tienduizenden mensen samenkwamen om het einde van de oorlog te vieren, greep het virus verwoestend om zich heen. Sommige mensen stierven een paar uur nadat ze ziek waren geworden. Op het hoogtepunt van de epidemie, in november 1918, stond de economie volledig stil. Er waren simpelweg niet voldoende gezonde mensen om de fabrieken, winkels en kantoren draaiende te houden. Hotels, restaurants en scholen werden op last van de regering gesloten. Er waren daarnaast niet genoeg dokters en verpleegsters om een helpende hand te bieden; velen zaten door de oorlog nog in Europa. In totaal kwamen er in Nieuw Zeeland 8000 mensen om door de griepepidemie.
Het Auckland van nu is sprinlevend; het is het dichtsbevolkte gebied van het land; een kwart van de Nieuw Zeelanders woont hier. De agglomeratie bestaat uit Auckland City, Waitakere, Mannukau en North Shore. Met Europeanen, Maori, Polynesiërs en Aziaten zorgt de culturele diversiteit van de stad voor een zeer kosmopolitisch karakter.

Queen Street oversteken Aotea Square Town Hall Ferry Building Ferry Building, Sky Tower (rechts)

Queen Street is de belangrijkste winkelstraat in het Central Business District. Het is een enorm drukke straat. Grappig is de manier waarop voetgangers hier kruisingen oversteken: niet alleen rechtuit, maar ook diagonaal. Halverwege Queen Street ligt het grote plein van Auckland, Aotea Square uit 1979, waar bijeenkomsten en concerten worden gehouden. Het plein met de Maori-poort werd voor het wereldkampioenschap rugby helemaal opgeknapt, zodat er 20.000 mensen op passen. Bij dit plein staat de wigvormige Edwardiaanse Town Hall, gebouwd in 1911 en het belangrijkste historische gebouw van Auckland. Het wordt gebruikt als bestuurlijk en politiek centrum, maar vervult ook een culturele rol.
Aan het einde van Queen Street, aan Quay Street, staat het statige ferrygebouw uit 1912. Dit zandstenen gebouw is met de Princess Wharf en Queens Wharf de aanlegplaats van de ferry's. Vroeger was deze Ferry Building een drukke plaats, want iedereen die naar de noordkant van de stad wilde moest hier een veerboot naar Devonport pakken. Toen in de jaren 50 de wachttijden waren opgelopen tot één uur, besloot de stad tot de bouw van de Auckland Harbour Bridge. Nu vertrekt bij het ferrygebouw nog het voetveer naar Devonport, de ferry's naar de eilanden voor de kust van Auckland én de vele boten die toeristische uitstapjes maken door de haven.
De Sky Tower is met zijn 328 meter de hoogste toren van het zuidelijke halfrond. Per jaar komen hier 750.000 bezoekers. De toren is het product van de profileringsstrijd tussen Australië en Nieuw Zeeland. Nieuw Zeeland wilde iets bijzonders hebben voor de millenniumwisseling en begon in 1996 met de bouw. De hoogte is niet toevallig: de Sky Tower is 24 meter hoger dan de Sydney Tower. Daardoor ging de titel 'hoogste toren van het zuidelijke halfrond" naar Auckland, tot groot genoegen van de Kiwi's die zich te vaak in de schaduw van hun grote buur voelen staan. De toren werd in maart 1997 geopend en vervult een belangrijke functie voor de telecommunicatie en televisieverbindingen. Maar de toren is vooral bedoeld voor de toerist die uitzicht wil. Een snelle lift brengt de bezoeker vanuit de catacombe van de toren in 40 seconden naar boven.

War Memorial Museum War Memorial Museum Sky Tower Winter Gardens Winter Gardens

Het centrum van Auckland is gebouwd rond een aantal uitgedoofde vulkanen, waarvan velen in parken zijn veranderd. Het oudste park is het Auckland Domain, op loopafstand van het centrum. Het wordt gebruikt voor gratis openluchtconcerten. Sommige bomen in het park zijn afkomstig van een in 1841 opgezette kwekerij voor Europese planten. In het park bevindt zich de Winter Gardens, een erfenis van de Auckland Exhibition van 1913. Deze bestaat uit twee kassen en een binnenplaats met een grote waterlelie- en lotusvijver. Het bekendste gebouw van het Auckland domein is het Auckland War Memorial Museum. Het museum is gebouwd als oorlogsmuseum, ter nagedachtenis aan de soldaten die tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn omgekomen. Voor het gebouw staat een zuil, waar de jaarlijkse ANZAC-herdenking (25 april) wordt gehouden. Nieuw Zeeland stuurde als onderdeel van het Australian and New Zealand Army Corps (ANZAC) 100.000 manschappen naar de slagvelden. Van hen kwamen er 18.000 niet terug. Het museum besteedt op de bovenste verdieping aandacht aan het oorlogsverleden. Op andere verdiepingen is aandacht voor de Maori-cultuur, vulkanen en de natuur van Nieuw Zeeland. Wij vonden het een beetje veel allemaal, met weinig in een logische volgorde.

Bron tekst: Capitoolgids, Dominicus Landengids.