| Nieuw Zeeland: Aoraki/Mount Cook National Park | |||||||||||
- buttercup - shelduck - DOC - Ngāi Tahu reis |
Aoraki/Mount Cook National Park is het grootste alpine park van Nieuw Zeeland. Het is in 1953 tot nationaal park uitgeroepen na de samenvoeging van verschillende reservaten die al in 1887 waren gevormd ter bescherming van de vegetatie en het landschap. Gletsjers vormen 40% van het park en er zijn 19 pieken van meer dan 3000 meter hoog. De 5 belangrijke gletsjers die het landschap hebben gevormd zijn Godley, Murchison, Tasman, Hooker en Mueller; Tasman Glacier is de grootste en langste gletsjer van Nieuw Zeeland (29 kilometer lang en 1,6 kilometer breed). De piek, met 3764 meter de hoogste berg van Nieuw Zeeland, is heilig voor de Ngai Tahustam van het Zuidereiland die hem Aoraki noemen. Volgens de Maori-legende werden de berg en de toppen er omheen gevormd toen een jongen, genaamd Aoraki en zijn drie broers uit de hemel afdaalden om Papatuanuku (Moeder Aarde) te bezoeken in een kano. De kano kapseisde en de jongens gingen op het hoogste punt van de boot zitten; de zuidelijke wind bevroor ze en veranderde ze in steen waardoor de Southern Alps ontstonden. In 1851 vernoemde Captain J. L. Stokes de berg naar de beroemde ontdekkingsreiziger Captain James Cook.
De Ngai Tahu vinden het niet gepast om Aoraki/Mount Cook te beklimmen, maar daar dachten de Europese immigranten anders over; in 1894 bereikten Tom Fyfe, George Graham en Jack Clarke als eersten de top. Tegenwoordig heeft de berg nog steeds aantrekkingskracht op alpinisten. Ook skien is een uitdaging; er zijn geen skiliften en de pistes zijn alleen per helicopter te bereiken. In de omgeving van Mount Cook Village zijn verschillende goed onderhouden en duidelijk aangegeven wandelroutes. Kea Point en Governors Bush zijn korte wandelingen waarop veel van de vegetatie en het vogelleven van het park te zien is. Langere wandelingen uit het dorp zijn de Sealy Tarns-, Hooker Valley-, Red Tarns-, en Wakefield Tracks. In het park zijn meer dan 300 soorten planten te vinden en er komen ongeveer 40 soorten vogels voor. Zo groeien er onder andere vele soorten bergboterbloemen (Ranunculus) en bergmadeliefjes (Celmisia). De beroemde Mount Cook lelie (Ranunculus lyalli) is de grootste boterbloem ter wereld. Misschien is de kea wel de meest opvallende vogel; een bergpapegaai bekend om zijn ondeugende capriolen. Het kleine rotswinterkoninkje is de enige echte alpinevogel en verder komen er onder andere valken en mantelmeeuwen in de hoger gelegen gebieden voor. De rivierbedding van de Tasman River is de thuisbasis van de zeldzame zwarte steltloper. Het park is rijk aan ongewervelden zoals grote libellen, sprinkhanen, motten en vlinders. Een zwarte alpine weta, ook wel Mount Cook vlo genoemd, wordt boven de sneeuwgrens aangetroffen. De jewelled gecko leeft ook in dit gebied maar die weet zich goed verborgen te houden. |