|
Het geslacht Silene behoort tot de anjerfamilie (Caryophyllaceae) en omvat meer dan 400 soorten waaronder de dagkoekoeksbloem en de echte koekoeksbloem.
 Foto's: stengelloze silene (links), S. uniflora (rechts) - IJsland 2011.
De stengelloze silene (Silene acaulis, moss campion) komt voor op een hoogte tussen 1500 en 3600 m in Midden- en Noord-Europa; deze groene “kussen” vormt roze bloemen. Zeer zeldzaam is er een witgekleurde bloem. De bloemen zijn 1,5-2,5 cm breed: elke bloem staat op een eigen steeltje en heeft vijf kroonblaadjes. De kelkbladeren zijn vergroeid tot een buis. De stengel is dichtbezet met lijnvormige bladeren. De plant bloeit van mei tot september en wordt maximaal 5 cm hoog.
De stengelloze silene is kalkminnend en verkiest bovendien bodems met een losse structuur, zoals lawinepuin, maar ook op hogergelegen alpenweiden kan deze plant voorkomen. De bladeren sterven in het kussen af en bieden nieuw voedsel voor de plant. Zo kan de soort op zeer onvruchtbare bodems toch standhouden.
De eenbloemige Silene uniflora (sea campion) is bijna overal op IJsland aan te treffen. Het is een karakteristieke plant van de hooglanden maar komt ook wel in lager gelegen gebieden voor. Het heeft een voorkeur voor zandige en grintrijke gronden. De opgeblazen kelk is karakteristiek.Meestal is deze wit met rode nerven. Wanneer de groei niet gehinderd wordt door andere planten of obstakels, groeit de plant uit in cirkelvormige patronen met kruipende stengels.
|